Deze pagina is nog niet geoptimaliseerd voor weergave op kleinere schermen.
De Tuinen van Appeltern
Walstraat 2a, 6629 AD Appeltern
Nederlands grootste en mooiste tuinideeënpark

Nederlands grootste en mooiste tuinideeënpark

Wisteria bloeit niet

Sinds 1999 heb ik in mijn voortuin (op het oosten) 2 Wisteria's (blauwe regen) geplant.
Helaas hebben ze tot op heden nog niet gebloeid. Wat zou hiervan de oorzaak kunnen zijn?

Het kan zijn dat het zaailingen betreft. Wisteria's die uit zaad vermeerderd zijn komen nooit in bloei. Maar meer voor de hand ligt dat er te weinig gesnoeid is. Dan zijn de takken wel gegroeid, en is er ook uitbundig blad vervormd, maar is de ontwikkeling van bloeisporen achterwege gebleven.
Meer over de verzorging van de blauwe regen en over de ontwikkeling van bloemknoppen kunt u lezen in onderstaande tekst.
Deze tekst kunt u ook in de opgemaakte versie downloaden of printen. Open daartoe een nieuwe internetpagina. Kopieer de volgende link naar het browserveld (waar u normaal het internetadres intypt): www.mwiarda.nl/appeltern.htm en klik daarna op enter.

Wisteria (blauwe regen)

Algemeen

Van de blauwe regen (Wisteria) bestaat een tiental soorten, oorspronkelijk afkomstig uit Noord-Amerika, China, Korea en Japan. Wisteria floribunda, de Japanse blauwe regen, is rechtsom windend. Wisteria sinensis, de Chinese blauwe regen, is linksom windend. Wisteria formosa is een kruising tussen beide. Het zijn leiplanten, die wel 20 m hoog en 10 m breed kunnen worden. Ze moeten dus, om in de hoogte te kunnen groeien, een stelsel van latten of draden hebben waarlangs ze geleid worden. Bovendien zijn het wurgplanten. Doordat de hoofdvertakkingen zich rond de steunpunten (zoals een boom of regenpijp) wikkelen en aan diktegroei doen, komt de steun als deze niet massief genoeg is, uiteindelijk in de verdrukking. Andere bomen of planten zijn dus niet geschikt om een blauwe regen in te leiden.
De planten bloeien in mei, met blauwe, witte, violette of lilaroze trossen. De bloemen van W. sinensis geuren sterk, maar die van W. floribunda geuren nauwelijks.
Het duurt over het algemeen enkele jaren na de aanplant voordat de Wisteria gaat bloeien. Zijn de planten uit zaad opgekweekt dan bestaat een flinke kans dat ze nooit zullen bloeien. Daarom wordt blauwe regen meestal uit stek vermeerderd, of via afleggers opgekweekt.

Verzorging

Wisteria groeit graag in een lichte, wat humeuze en enigszins vochtige grond, en een zonnige plek (minstens 6 uur zon per dag). Wisteria&#146s worden op een onderstam geënt. Bij het planten kan de entplaats het best boven de grond gehouden worden, zodat eventueel opschot gemakkelijk te verwijderen is.
De planten kunnen erg oud worden, en kunnen er slecht tegen om tot op het oude hout teruggesnoeid te worden. Er moet dus van begin af aan een goed takkengestel ontwikkeld worden.
Het snoeien van een blauwe regen (Wisteria) is, net als bijvoorbeeld bij een druif, niet echt ingewikkeld. Wel een kwestie van goed beginnen en vooral van erg consequent volhouden. De volgende beschrijving gaat uit van een blauwe regen die geleid tegen een muur moet groeien. Op een pergola kan ook, dan ligt het punt waar de vertakkingen mogen beginnen ter hoogte van de bovenkant van de pergola. Terug naar de leistruik tegen de muur. Bij het planten wordt de hoofdscheut direct getopt op 80 tot 100 cm hoogte. Er zullen zich enkele knoppen ontwikkelen tot zijtakken, en tot een scheut die de hoofdscheut verlengt. De verlengde hoofdscheut wordt vertikaal aangebonden, 2 of 3 sterke zijtakken worden onder een hoek van 45 graden aangebonden. In de periode tussen juni en eind augustus worden alle zijtakjes die zich op de zijwaarts gerichte takken ontwikkeld hebben teruggeknipt tot circa 20 cm.
Het volgende jaar wordt in de winter de hoofdscheut weer op 80 tot 100 cm boven de bovenste zijscheut ingekort. Dezelfde zijtakken worden nu opnieuw aangebonden, dit keer zo veel mogelijk horizontaal. Ook wordt er dan ongeveer 1/3 van de zijtakken afgeknipt. In de periode tussen juni en eind augustus worden alle zijtakjes die zich op de zijwaarts gerichte takken ontwikkeld hebben teruggeknipt tot circa 20 cm.
Dit wordt zo enkele jaren volgehouden. Iedere verlenging levert dan telkens 2 tot 3 sterke zijtakken op, die eerst onder 45 graden en later horizontaal aangebonden worden. De afstand tussen de horizontale vertakkingen moet ongeveer 40 cm of groter zijn. Zijtakken die te dicht opeen zitten kunnen weggesnoeid worden, evenals nieuw ontstane grondscheuten.
Is de gewenste opbouw van de plant bereikt en de muur (of pergola) bedekt, dan worden verder telkens in de zomer de nieuwe verlengingen teruggeknipt tot 4 tot 6 bladparen (circa 15 cm). In de winter daarna worden de al ingekorte verlengingen nog verder ingekort tot 2 à 3 knoppen (8 tot 10 cm). Dit laatste gebeurt om de vorming van nieuwe bloeisporen te stimuleren.

Vermeerdering

Zaaien van Wisteria levert vaak planten op die niet bloeien. Daarom worden ze vaak afgelegd. In juni wordt dan een jonge zijscheut van een goed bloeiende plant naar de grond gebogen. Waar hij de grond raakt wordt de tak licht beschadigd, waarna hij ingegraven wordt. Eventueel kan er een flinke steen op gelegd worden om hem op zijn plaats te houden. De grond moet ter plaatse goed vochtig gehouden worden. In oktober-november horen de eerste wortels zichtbaar te zijn. Heeft hij voldoende wortels gevormd dan kan de twijg losgeknipt en opgepot of uitgeplant worden.

Stekken kan ook, in mei of juni. Ook hierbij wordt eens stek gesneden van een jonge zijscheut, waarbij de bast aan de onderzijde wat beschadigd wordt. De stek wordt in stekgrond geplaatst. Gebruik van stekpoeder bevordert de beworteling en gaat de ontwikkeling van schimmels tegen. Nadat de stekken enkele weken op een beschaduwde plaats hebben gestaan en vochtig gehouden zijn, hebben zich de eerste wortels en knoppen ontwikkeld en kunnen ze opgepot of geplant worden.

Ziekten en plagen

Blauwe regen is nauwelijks gevoelig voor ziekten of plagen.
Geelverkleuring van het blad wordt vaak veroorzaakt door een te kalkrijke grond. Toevoegen van humeus materiaal om de grond zuurder te maken wil dan nog wel eens helpen.
Uitblijven van de bloei kan voorkomen bij zaailingen. Ook kan het zijn dat een geënte plant te weinig zonlicht krijgt, of dat er zich geen bloeisporen gevormd hebben doordat de plant te weinig gesnoeid is. Door snoei wordt de ontwikkeling van bloeisporen gestimuleerd. Hoewel de planten eigenlijk niet bemest hoeven te worden (te veel mesten leidt tot overdadige bladontwikkeling) kan een geringe bemesting met een fosforrijke meststof de bloei bevorderen.