Deze pagina is nog niet geoptimaliseerd voor weergave op kleinere schermen.
De Tuinen van Appeltern
Walstraat 2a, 6629 AD Appeltern
Nederlands grootste en mooiste tuinideeënpark

Nederlands grootste en mooiste tuinideeënpark

Snoei van klimrozen

Onze klimroos staat op het zuiden. Hij heeft veel last gehad van meeldauw. Vorig jaar vielen alle blaadjes af. Deze heb ik consequent opgeruimd. Ik heb hem tegen die ziekte behandeld. Dit jaar ben ik al vroeg begonnen de behandeling te herhalen. Over het resultaat ben ik niet ontevreden. Op een enkel blad na is de ziekte onder controle.
Deze rozenstruik maakt alleen bloemen in de bovenste twijgen. Ik heb geprobeerd deze om te buigen zodat deze twijgen weer naarbeneden groeien. Dit lukt niet. De twijgen knappen daarbij. Aan de onderzijde is dit jaar weinig blad gevormd. Kortom niet zo fraai.
Ook heb ik vorig jaar de bovenste twijgen afgeknipt in de hoop dat ze beneden uit zouden lopen. Zonder resultaat. Ik overweeg daarom deze struik te kortwieken op zo'n 30 cm boven de grond zodat hij opnieuw kan uitlopen. Is dit verstandig, en zo ja, wanneer zou dat kunnen gebeuren of heeft u een andere oplossing.

De klimrozen zijn qua snoeiwensen grofweg te verdelen in 4 groepen. Niet alle klimrozen maken even gemakkelijk weer nieuwe grondscheuten. Om te weten wat u het beste kunt doen is het dus ook weer belangrijk te weten om welk type klimroos het gaat. Bij alle rozen wordt in maart ziek, dood of kruisend hout verwijderd.

6A 'Echte' klimrozen, afgeleid van Rosa wichuraiana (zoals Dorothy Perkins, Excelsa etc.).
Ze bloeien eenmalig in juni/juli op de grondscheuten die vorig jaar gevormd zijn. Na de bloei worden alle hoofdtakken die gebloeid hebben bij de basis weggeknipt. De nieuwe scheuten die zich vanuit de grond ontwikkelen worden daarna zo horizontaal mogelijk aangebonden, en zullen het volgende jaar weer bloeien.

6B Niet-doorbloeiende sterk groeiende klimrozen.
Deze rozen ontwikkelen minder grondscheuten, terwijl zich juist boven in de struik nieuwe takken vormen. Om de ontwikkeling van grondscheuten te bevorderen kunnen na de bloei in september één of twee van de oude scheuten helemaal weggesnoeid worden, terwijl de resterende 4 of 5 scheuten op circa 35 of 40 cm van de grond weggeknipt worden, net waar zich weer een nieuwe krachtige scheut ontwikkelt. Zowel de nieuwe grondscheuten als de nieuwe zijtakken worden daarna zo horizontaal mogelijk aangebonden. Bij vertakking van de nieuwe zijtakken worden de delen zo weggesnoeid dat zich weer een nieuwe doorgaande hoofdtak vormt.

6C Doorbloeiende theehybriden en floribundarozen (met de toevoeging Clg, climbing in de naam). Deze rozen vormen moeilijk grondscheuten. Er moet dan ook van begin af aan een goed gestel opgebouwd worden, waarbij de zijtakken zo horizontaal mogelijk aangebonden worden. Het snoeien draait hier grotendeels om het verwijderen van de uitgebloeide zijtakjes tot op 15 cm of 3-4 ogen. Bij oude planten moeten op den duur na de bloei in oktober de zwakke of uitgeputte scheuten op enkele centimeters van de basis afgesnoeid worden om verjonging in de rest van de plant te stimuleren.

6D Pilaarrozen, meestal doorbloeiend.
Deze groeien doorgaans meer opgaand. In de zomer worden uitgebloeide zijscheuten ingenomen. Na de bloei in november kan op symmetrie gesnoeid worden, door enkele hoofdtakken wat in te korten. Om de groei vanaf de basis te bevorderen kunnen enkele lagere gesteltakken met 2/3 ingekort worden.