Deze pagina is nog niet geoptimaliseerd voor weergave op kleinere schermen.
De Tuinen van Appeltern
Walstraat 2a, 6629 AD Appeltern
Nederlands grootste en mooiste tuinideeënpark

Nederlands grootste en mooiste tuinideeënpark

Rhododendron bloeit niet meer

Sinds een aantal jaren hebben wij een rodondendron in de tuin staan, op een schaduwrijke plaats. Bij aanschaf stond deze in bloei, daarna heeft hij nog 1 seizoen gebloeid en vervolgens niet meer. Wat kan hiervan de oorzaak zijn?

Rhododendrons en azalea&#146s maken in het najaar op het eind van de scheuten hun nieuwe bloemknoppen aan. Door strenge vorst, of een late (nacht)vorstperiode, kunnen de knoppen beschadigd raken. Dit is vaak eenmalig, zodat een plant een volgend jaar wel weer zal bloeien. Planten die niet voldoende beschut staan zullen hier echter vaker last van hebben.
Rhododendrons en azalea&#146s hebben meestal geen snoei nodig. Alleen dood, ziek, beschadigd en kruisend hout moet verwijderd worden. Als ze te groot worden kan er wel gesnoeid worden. Bij struiken die al meerdere jaren achtereen niet bloeien kan snoei bovendien helpen om op de langere termijn toch weer een bloei in de struik te krijgen. Het snoeien gebeurt direct na de bloei. De scheuten worden bij voorkeur net boven een bladkrans afgeknipt. Daar zal de struik het snelst opnieuw uitlopen. Hoe ver u uw struik terug kunt snoeien is dan dus afhankelijk van de stand van de bladkransen. Is de struik tot op grotere hoogte kaal, dan kunt u ook boven een slapend oog snoeien. Het risico dat de scheut dan niet meer uitloopt is dan echter groter. Omdat de struik na het verwijderen van het meeste blad plotseling meer in het licht komt te staan, kan hij de eerste jaren gevoelig worden voor verbranding. Op erg zonnige dagen kan hij dan beter wat afgeschermd worden van direct zonlicht. Door een extra watergift kan ervoor gezorgd worden dat de grond niet uitdroogt, en dat de plant zich sneller herstelt.
Rhododendrons en azalea&#146s houden van een zure grond, met een pH-waarde tussen 4,5 en 5,0 en een standplaats in de (half)schaduw. De grond moet bovendien redelijk voedselrijk zijn, en vochthoudend. Het aanbrengen van een mulchlaag of een bodembedekker onder de planten helpt om de verdamping vanuit de grond tegen te gaan, en de ondergrond koel en vochtig te houden. Voor extra verzuring van de grond kan dan voorzichtig extra tuinturf rond de wortels aangebracht worden.
Ook uitputting van de grond kan een oorzaak zijn van achterblijvende groei en bloei, bijvoorbeeld doordat wel tuinturf bij de planten aangebracht is, maar geen meststoffen. De voedselvoorraad kan weer op peil gebracht worden door te bemesten met speciale rhododendronmest, of met goed verteerde stalmest.