Deze pagina is nog niet geoptimaliseerd voor weergave op kleinere schermen.
De Tuinen van Appeltern
Walstraat 2a, 6629 AD Appeltern
Nederlands grootste en mooiste tuinideeënpark

Nederlands grootste en mooiste tuinideeënpark

Mollen weren of verjagen

We hebben een grote tuin op leemhoudende zandgrond met een grote vijver en we hebben chronisch last van mollen in het gazon. Wat kunnen we er tegen doen? Ze allemaal vangen lukt niet.

U geeft aan dat het om een flinke tuin gaat. Dat betekent dat de meest effectieve methode (ondergronds omrasteren) nogal wat werk met zich meebrengt. Misschien is een van de hierna genoemde verjagingsmethoden bij u effectief. Het is een kwestie van uitproberen, wat bij een werkt, heeft bij de ander soms geen effect en andersom.

De volgende tekst kunt u ook in de opgemaakte versie downloaden of printen. Open daartoe een nieuwe internetpagina. Kopieer de volgende link naar het browserveld (waar u normaal het internetadres intypt): www.mwiarda.nl/appeltern.htm en klik daarna op enter.

Mollen

De mol (Talpa europea) is een solitair levende insecteneter. Hij is in Nederland en België niet beschermd. Het is in de tuin eigenlijk een zeer nuttig dier, dat de larven van schadelijke insecten opruimt, en zorgt voor beluchting en drainage van de grond. Maar ja, hij graaft gangen op plekken waar we die soms minder graag zien. Vooral in het voorjaar, als de heren op zoek gaan naar een partner, en eind juni, als dat tot nakomelingen heeft geleid, gaan de mollen aan de wandel. Ze verlaten dan hun territorium, dat al gauw 400 m2 kan beslaan, en kunnen dan met een vaartje van maximaal 15 m per uur flink doorstomen. Het gangenstelsel van een enkele mol kan wel 150 m lang zijn. Mollen hebben geven de voorkeur aan wat lossere, humeuze grond, die rijk is aan wormen en ander bodemleven. Hoe minder obstakels (boomwortels etc.) zich daarin bevinden hoe beter. Kortom, de voorkeur gaat dus onmiskenbaar uit naar uw grasveld.

Hoe kunnen mollen geweerd worden? Ze hebben een fijne neus, die een hekel heeft aan de geur van keizerskroon (Fritillaria imperialis) en de voor mens en dier giftige kruisbladige wolfsmelk (Euphorbia lathyrus). De eerste is een lelieachtig bolgewas, dat in het voorjaar geplant wordt en dan ook algemeen verkrijgbaar is. De tweede is een inheemse tweejarige plant, die het beste ter plekke gezaaid kan worden op een zonnige plek in de tuin. De aanwezigheid van enkele van deze planten zou mollen op een afstand houden. Ook kan er iets in de verse mollengangen gelegd worden dat de mol vindt stinken: snippers knoflook of ajuin, mottenballen, een in terpentine of ammonia vochtig gemaakte of met Eucalyptus-olie besprenkelde doek, of speciale mollenballen (te koop bij tuincentra). Dit moet bij de eerst opkomende molshoop toegepast worden. Is er al een heel gangenstelsel, dan werkt de geurafschrikking minder goed.
Als de mollen jaren achtereen terugkomen, kan het de moeite lonen de tuin te omrasteren met fijnmazig volièregaas dat tot op de diepte van het grondwater ingegraven wordt. (Pas op, gewoon kippengaas heeft veel te grove mazen, daar kunnen ze nog zo doorheen). Een zelfde effect zou bereikt kunnen worden door rond de tuin een flinke geul te graven (60 cm diep, 40 cm breed) en die te vullen met vette kleigrond, grind en stenen. Omdat mollen een hekel hebben aan sterk verdichte grond en obstakels zouden de hierbij rechtsomkeer maken.
Mollen ruiken niet alleen goed, hun gehoor is ook prima. Ze hebben een hekel aan hoge, fluitende tonen. Daarom kan het helpen een fles zonder bodem (met de hals naar boven) in de verse mollengang te steken. Bij tuincentra zijn apparaatjes te koop die trillingen veroorzaken die de mol (maar ook veldmuizen en woelratten) niet waarderen. Een vergelijkbaar effect zou bereikt kunnen worden door speelgoed-windmolentjes op metalen prikkers in de gangen te prikken. Als de wind de wieken laat draaien trilt de staander, wat de mol onaangenaam zou vinden.
Vangen kan natuurlijk ook. Er zijn speciale vangkooitjes op de markt, die in een verse gang geplaatst kunnen worden. De mol kan dan elders weer vrijgelaten worden. De kooien moeten dan wel minstens iedere 12 uur gecontroleerd worden, omdat de mol niet langer zonder voedsel kan.
Tot zover de diervriendelijke methoden. De mol kan ook gedood worden (tenzij vangen lukt) met behulp van een spade en een emmer. De molshopen worden daartoe vanuit het midden ingedrukt. Als er een molshoop beweegt, loop er dan voorzichtig naar toe. Wacht even tot de mol de hoop weer omhoog duwt, steek de spade in de loopgang, en gooi de grond (met hopelijk de mol erin) omhoog. Als de mol nog leeft kan hij in de emmer, en elders weer uitgezet worden. Mollen kunnen venijnig bijten en zo flinke infecties veroorzaken, dus stevige handschoenen zijn bij deze methode geen luxe.
Bij tuincentra zijn mollenklemmen en rookpatronen te koop die de mol in de gang doden. Voor het afsteken van de rookpatronen moeten wel alle gangen goed afgesloten worden, anders heeft dit geen effect. De rookpatronen werken op basis van zwavel, en zijn giftig voor mens en (huis)dier.
Tenslotte is in de meeste gemeenten een mollenvanger actief, die beschikt over de nodige ervaring en middelen om de mol te verdrijven of te verwijderen.