Deze pagina is nog niet geoptimaliseerd voor weergave op kleinere schermen.
De Tuinen van Appeltern
Walstraat 2a, 6629 AD Appeltern
Nederlands grootste en mooiste tuinideeënpark

Nederlands grootste en mooiste tuinideeënpark

Bemesting van nog braak liggende grond

Ik ga mijn tuin helemaal opnieuw inrichten. Het zijn ca. 800 m2.De hele tuin heb ik 50 cm diep uitgegraven en opgevuld met teeltaarde (van akkerbouwgrond). Hoe kan ik deze, nu er nog geen planten in staan, het beste bemesten? Waarmee kan ik het beste bemesten, hoeveel moet ik gebruiken en hoe kan ik dat het beste doen? In het najaar wil ik gaan aanplanten.

Na de winter kan een organische bemesting aangebracht worden. Als startbemesting op een zware grond kan uitgegaan worden van 2 tot 5 m3 compost per 100 m2. Op kleigronden wordt ook vaak bemest met goed verteerde stalmest, of paardenmest vermengd met wat tuinturf in plaats van compost. Daardoor wordt de pH van de grond wat lager (hij wordt dan iets zuurder). Het organische materiaal wordt aan het begin van het voorjaar door de bovenlaag gewerkt. Wilt u echt mooie tuingrond en heeft u wat geduld dan kunt u de tuin het eerste jaar inzaaien met een groenbemester zoals de eenjarige Lupine of Phacelia (allebeiook bijenplanten). Ook aardappelen worden wel met dit doel gepoot. Groenbemesters voegen organische stof toe aan de grond, ze bevorderen een goede bodemstructuur en stimuleren een gezond bodemleven. Aan het eind van het groeiseizoen worden dan de aardappels gerooid, en de andere plantenresten door de bovengrond gespit, waarna de grond tijdens de winter nogmaals open blijft liggen. Het daarop volgende voorjaar kan er gefreesd en geëgaliseerd worden, en is de tuin plantklaar. Op plekken waar zuurminnende planten komen te staan kunt u voor het aanplanten eventueel nog wat tuinturf in en rond het plantgat doorwerken.
Om de bodemstructuur daarna goed te houden is het verstandig de plantvakken jaarlijks een voorjaarsbemesting met organisch materiaal te geven (2 m3 per ha). Bladresten kunnen in het najaar gewoon onder de beplanting blijven liggen (met uitzondering van de resten van meeldauw gevoelige planten als rozen, druif, phlox, riddersporen en enkele andere soorten). De mulchlaag die zo ontstaat voorkomt dat de bovengrond snel uitdroogt, geeft een langzame aanvulling van de voedselvoorraad in de grond, en zorgt voor het ontstaan van een gezond bodemleven.