Vijveronderhoud

Een goed geconstrueerde vijver is het meest onderhoudsvriendelijke element in uw tuin.

UNDEFINED

Vijveronderhoud
Een goed geconstrueerde vijver is het meest onderhoudsvriendelijke element in uw tuin. Pompen en filters moeten periodiek worden gecontroleerd. Als er veel blad in uw vijver terecht komt en ook de vijver groeit zelf heel weelderig dan moeten de plantresten eens in de drie à vier jaar worden verwijderd. Anders ontstaan er te veel schadelijke gassen en stoffen onderin.

Geen mest in de vijver
Gewoon vijverwater en de normale vijveraarde bevatten genoeg voedsel voor de planten die erin groeien. U hoeft niet extra te mesten. Een teveel aan meststoffen werkt zeer vervuilend op de vijver en kan veel problemen veroorzaken. U moet er dus ook voor zorgen dat er geen mest vanuit de rest van de tuin in de vijver terecht kan komen. De regen mag het er bijvoorbeeld niet inspoelen. Wees bij het mesten van planten op de droge oever dan ook bijzonder voorzichtig en gebruik daar in ieder geval meststoffen die langzaam vrijkomen en lang werken. Die kunnen het minst kwaad.

Overwinteren van vijverplanten
De normale, winterharde vijverplanten kunt u ’s winters het best gewoon in de vijver laten. Veel planten sterven in de herfst bovengronds af en overwinteren in hun wortels. Soms blijven er alleen overwinteringsknoppen over die vaak op de vijverbodem blijven liggen. Ze lopen vanzelf weer uit en vormen nieuwe, gezond groeiende planten. Vanwege die knoppen moet u in het voorjaar de bodem van de vijver ook niet rigoureus schoonmaken. Dan zou u namelijk ook die knoppen verwijderen. De niet-winterharde vijverplanten (veel waterlelies bijvoorbeeld) kunnen ’s winters niet in de vijver blijven. Daarom is het ook het meest praktisch ze in containers of plantmanden te zetten die u gemakkelijk uit het water kunt halen. De containers moeten met plant en al vorstvrij en koel overwinteren. Zet de containers in grotere, met water gevulde bakken of zorg in ieder geval dat ze vochtig blijven. Ze mogen onder geen voorwaarde uitdrogen.

Vijver onderhoud

Vijverplanten zijn heel bijzonder
De meeste vijverplanten stammen af van planten die in het verre verleden gewoon op het land groeiden. Het zijn dus van nature eigenlijk helemaal geen waterplanten, ze hebben zich alleen heel sterk aan een waterrijke omgeving aangepast. Ze hebben een aantal trucs ontwikkeld die het ze mogelijk maakt in water te leven. Veel vijverplanten maken bladeren die op het water drijven en ze zijn in staat om niet alleen via hun wortels, maar vaak ook via het blad direct voedsel uit het water op te nemen. Bij sommige soorten krijgen onderwaterbladeren een heel andere vorm dan het blad dat boven water uitsteekt. De functie is dan ook anders. Deze planten hebben ook ‘geleerd’ kooldioxide en zuurstof onder water uit te wisselen. Sterker nog, veel soorten kunnen zelfs onder water bloeien, zich laten bestuiven en vruchten vormen. Andere hebben maar bijna helemaal van bloei afgezien en vermeerderen zich vrijwel uitsluitend via worteluitlopers. Het lastige punt is namelijk dat er in het water erg weinig zuurstof aanwezig is en de zaden onder water daardoor heel moeilijk kiemen. U zult vaak zien dat zulke planten grote groepen vormen. Afgebroken worteldelen groeien heel gemakkelijk op een andere plek weer uit. Deze planten zijn dus heel eenvoudig te vermeerderen. Er zijn ook soorten die helemaal geen wortels meer vormen (blaasjeskruid bijvoorbeeld). Die nemen hun voedsel puur en alleen via het blad op. Blaasjeskruid is bovendien een vleesetende onderwaterplant die ondermeer watervlooien in zijn blaasjes vangt en verteert. Onderwaterbloei is goed waarneembaar bij hoornblad, hoewel de bloemen tamelijk onopvallend zijn. Ze hoeven ook geen insecten te lokken, het water doet het bestuivingswerk.

Vijverwater bijvullen
Als het water – vooral in kleinere – na een periode van droogte sterk is gedaald, zult u tot het oorspronkelijke peil moeten bijvullen. Doe dat met gewoon leidingwater. Laat het water er langzaam inlopen, zodat de planten en dieren in de vijver geen temperatuurshock oplopen. Vooral vissen zijn daar heel gevoelig voor. Zorg ook dat ze zo min mogelijk vuil van de bodem opwervelt.

Sterk woekerende planten en alg
Als de planten in uw vijver zeer sterk groeien en u heeft bovendien veel last van zweefalg (groene soep), dan zit er waarschijnlijk te veel voedsel in het water. De beste remedie is vooral voldoende onderwaterplanten in de vijver te brengen. Die verwerken en binden heel veel voedingsstoffen. Groeien ook die te weelderig, dan kunt u laat in de zomer gewoon weer een gedeelte uit de vijver halen. Met een greep met stompe punten (denk aan de vijverfolie!) lukt dat prima. Onderwaterplanten zijn buitengewoon belangrijk in de vijver. Die moet u er dus altijd inbrengen (vijf bosjes per vierkante meter wateroppervlak is voldoende). Ze halen niet alleen het teveel aan voedsel uit het water, maar produceren ook veel zuurstof, wat een goed verloop van alle processen in de vijver zeer ten goede komt. Een groot deel van het afbraakproces van afvalstoffen in de vijver gebeurt namelijk door bacterieën die zuurstof nodig hebben. Sterk woekerende drijfplanten moet u uitdunnen, omdat ze anders het licht voor de onderwaterplanten wegnemen. Zorg dat steeds tweederde van het wateroppervlak vrij van planten is. Dan dringt er voldoende licht tot op grotere diepte in de vijver door. Door uit te dunnen verwijdert u ook potentiële voedingsstoffen uit het water.

Natuurlijk Tuingeluk

De belangrijkste plantengroepen
Behalve de zuurstofproducerende onderwaterplanten, groeien in het diepste vijvergedeelte ook planten met drijvende bladeren en losdrijvende planten, de zogenaamde drijfplanten. Beide kunnen ze dikke bladtapijten op het water vormen, waar in veel gevallen bloemen tussen verschijnen. Planten met drijvende bladeren. De meest bekende planten met drijvende bladeren zijn de waterlelies, maar ook de gele plomp en de watergentiaan behoren ertoe. Het blad wordt aan lange stelen vanaf de bodem verankert.

Drijfplanten. Planten als krabbescheer, sterrekroos en waternoot behoren tot de echte drijfplanten. Er zijn ook niet-winterharde soorten als de mooie waterhyacint met zijn drijfballonnen en blauwe bloemen. Zorg dat nooit meer dan een derde van het wateroppervlak met planten bedenkt wordt. Zet ook liever één plant zo in de vijver dat deze zich in al zijn schoonheid kan ontwikkelen, dan (te) veel planten dicht op elkaar.

Oever- en moerasplanten
Dit zijn alle planten die in de oeverzone groeien. Het waterniveau in de vijver wisselt voortdurend door verdamping, regenval enzovoort. Ze moeten daarom tegen die wisseling kunnen. Sommige soorten verdragen alleen dat de wortels voortdurend nat zijn, andere staan zonder problemen in 50 cm diep water. Op de etiketten bij de planten is meestal de vereiste waterdiepte wel aangegeven. Anders bij aanschaf even informeren, want het is wel belangrijk. Er zijn vele tientallen soorten die allemaal eigen eisen stellen. De meeste zijn buitengewoon decoratief, bloeien vaak rijk of hebben heel mooie vormen. Met enkele ervan moet u oppassen omdat ze sterk kunnen woekeren of omdat ze wortelpunten hebben die zo scherp zijn dat ze dwars door vijverfolie heen kunnen groeien. Daardoor kan de vijver lek raken. Zet over- en moerasplanten in voldoende ruime waterplantenmanden en planten die gemakkelijk woekeren zelfs liefst in dichte containers. Dat remt de uitgroei een tijdje. U moet de planten goed kunnen verzorgen zonder dat het een warboel wordt. Door de aanplant in eigen manden en bakken voorkomt u dat ze elkaar al snel in de weg zitten. Haal in de herfst afgestorven loof dat in het water hangt of naburige planten helemaal bedenkt weg. U voorkomt er rotting mee. U hoeft echt niet al het afgestorven blad al in het najaar weg te halen, het geeft ook een stuk winterbescherming.

Goede zuurstofplanten
Uitstekende onderwater- of zuurstofplanten zijn:

Er zijn er meer, maar dit zijn de belangrijkste.

Nog even iets over het biologisch evenwicht
Alle processen in de vijver hebben met elkaar te maken. Het is een gesloten systeem dat voor een groot deel zichzelf in stand moet houden. Lukt dat niet, dan gaat het fout en ontstaat er een rottende, stinkende, vervuilde waterbak waar geen lol meer aan te beleven valt. Wanneer in uw vijver de planten het goed doen, u heeft er niet te veel vis in en het water is helder, blijf er dan zo veel mogelijk af. Niets aan doen, wat goed is, is goed. Uw vijver is dan in ‘biologisch evenwicht’ zoals dat heet. Het leuke van een goede vijver is juist dat deze zo onderhoudsarm is. Wanneer zich in het vroege voorjaar even een opleving van de groene alg voordoet, hoeft u nog niet te schrikken. Dat gaat meestal vanzelf weer over. Het verschijnsel wordt veroorzaakt doordat alg eerder actiefis dan de vijverplanten. Ze kunnen even profiteren van het voedsel in het water. Zodra de watertemperatuur iets oploopt, gaan de vijverplanten mee-eten en is het feest voor de algen voorbij. Een flinke ontwikkeling van het draadalg is juist een teken dat uw vijver in prima conditie is. Maar haal een teveel er wel uit, want ze kunnen planten met hun slierten verstikken.

Zie ook: