Snoeiregels: Struiken

Bij heesters is het snoeitijdstip en de snoeiwijze afhankelijk van de manier waarop de plant groeit en bloeit of wat we er verder van verwachten.

UNDEFINED

Bij heesters is het snoeitijdstip en de snoeiwijze afhankelijk van de manier waarop de plant groeit en bloeit of wat we er verder van verwachten.We onderscheiden bij de bloeiers twee groepen: scheutbloeiers en twijg- en takbloeiers.

Scheutbloeiers
Dit zijn de heesters die in de zomer of vroeg in de herfst bloeien (aan scheuten uit hetzelfde jaar en na 21 juni). Voorbeelden zijn Ceanothus, Buddleja, Perovskia enz. Scheutbloeiers snoeien we aan het eind van de winter (vanaf half maar), als de planten gaan uitlopen. Dan kunnen ze zich het snelst herstellen. U kunt de twijgen uit het vorige jaar gerust tot op twee knoppen afstand van het oude hout inkorten. In veel gevallen wordt een takkengestel gevormd waaraan veel jonge bloeibare scheuten zullen ontstaan.

Perovskia (Scheutbloeier)
* Perovskia (scheutbloeier)

Twijg- en takbloeiers
Dit zijn heesters die in de winter, de lente of de vroege zomer bloeien op twijgen uit het vorige groeiseizoen. Voorbeelden zijn , en Ribes. De bloeibare knoppen zijn in de groeimaanden voor de bloei gevormd. Zulke struiken worden direct na de bloei gesnoeid. Verwijder de uitgebloeide twijgen. Doe dat natuurlijk niet als de plant nog eetbare of decoratieve vruchten moet vormen. In zulke gevallen wordt later, minder of helemaal niet gesnoeid. Om de omvang van de planten beperkt te houden kan ook dunningssnoei worden toegepast (ieder jaar een vijfde van de oudere takken bij de basis wegnemen).

Forsythia en Ribus
A: (twijg- en takbloeier)
B: Ribes (twijg- en takbloeier)

Heesters met decoratieve bladeren of bast
Heesters die om hun mooie blad of bast worden gekweekt, zijn bijvoorbeeld Cornus stolonifera, C. mas (gele kornoelje), C. alba ‘Sibirica’ (witte kornoelje) en Salix-soorten (wilg). Deze worden over het algemeen in het vroege voorjaar gesnoeid, omdat het blad en de bast aan jonge scheuten het mooist is. Die hebben dan de hele groeiperiode om zich optimaal te ontwikkelen.

Cornus
* Cornus (decoratieve bast)

Groenblijvende heesters
Bekende voorbeelden zijn Aucuba, Rhododendron, Ilex (hulst), , Skimmia en sommige soorten Euonymus (kardinaalshoed). De meeste hebben weinig snoei nodig. Zorg dat ze hun mooie model behouden, haal eenmaal per jaar te ver uitgegroeide scheuten en twijgen weg. Doe dat liefst laat in het voorjaar (mei) als de planten jong blad beginnen te vormen. Bij sommige soorten kunnen scheuten van vorst te lijden hebben gehad. Snoei die tot op de gezonde delen terug. Soorten als Ilex (hulst) en Mahonia kunnen vrij sterk worden gesnoeid. Die lopen ook vanuit het kale hout weer uit. Ook bladhoudende rododensdrons laten sterke snoei goed toe. U kunt de uitgebloeide bloemen eenvoudig uitbreken. Snoei in andere gevallen liefst zo dat de ingreep zo min mogelijk opvalt.

Groenblijvende Euonymus
Groenblijvende Euonymus

Zie ook: