Snoeiregels: Bomen

Bij bomen moet een goed gevormde, regelmatige kroon ontstaan. Elkaar kruisende en verkeerd geplaatste takken worden al in een vroeg stadium gesnoeid.

UNDEFINED

Bij bomen moet een goed gevormde, regelmatige kroon ontstaan. Elkaar kruisende en verkeerd geplaatste takken worden al in een vroeg stadium gesnoeid.

In de meeste gevallen wordt er aan een eenmaal goed gevormde boom weinig meer gesnoeid. Wel moet erop worden gelet dat de takken sterk genoeg zijn om het eigen gewicht te dragen en weer en wind te doorstaan. De snoei beperkt zich voornamelijk tot het weghalen van dood, ziek en beschadigd hout om wind- en stormschade te voorkomen. Zwaarder snoeiwerk of het uitdunnen van een kroon, kunt u het beste overlaten aan een gespecialiseerde boomverzorger of hovenier. Bomen vertonen van nature heel verschillende kroonvormen: een zuilvorm, rond of bol, treurend, gespreid, piramidaal enz.

Snoei moet er steeds op gericht zijn de juiste vorm in de juiste verhouding aan te houden of te herstellen. Dat is in feite werk voor de vakman. Bij de kweekvormen zijn die verschillen nog veel groter. Daarbij komen bovendien veel geënte vormen voor. Het laatste kan de vorming van wilde scheuten op de onderstam en vanuit de wortels tot gevolg hebben. In grote lijnen kunnen bomen worden ingedeeld in hoogstamvormen met een kale stam en duidelijke kroon en in zogenaamde geveerde bomen (met takken tot onderaan de stam).

Ronde kroon
* Ronde kroon

Het zogenaamde opkronen
Bij veel kroonbomen is het heel belangrijk dat de onderste takken steeds tijdig worden verwijderd. Ze buigen door hun gewicht en doordat ze naar het licht toegroeien steeds meer door, waardoor je er op een gegeven moment niet meer onderdoor kunt lopen of rijden. De zogenaamde opkroonhoogte verschilt uiteraard per situatie.

Elegant gespreide kroon
* Elegant gespreide kroon

Speciale maatregelen

  • Door storm of door andere oorzaken afgebroken takken moeten zo snel mogelijk worden verwijderd en de wond moet netjes worden afgewerkt.
  • Knellende banden, prikkeldraad, ijzerdraad e.d. dat om een boom heen zit, zo spoedig mogelijk verwijderen.
  • Bij gevorkte of dubbele hoofdtakken moet altijd één van beide takken worden weggenomen. Zo’n vork of gaffel vormt een zwakke plek in de boom. Bind de overblijvende tak tegen een stok en leid hem goed rechtop.
  • Controleer regelmatig (minimaal in voor- en najaar) de boombanden waarmee de boom aan een boompaal is vastgemaakt.
  • Heel vaak zijn bomen al langere tijd verkeerd gesnoeid en daardoor verminkt of verwaarloosd. Probeer dan een zo evenwichtig mogelijke vorm aan te brengen en de kroon weer open te snoeien. Hiervoor wordt veelal de 20%-regel gehanteerd (ieder jaar een vijfde van het werk uitvoeren). Lijkt u dit bij grote bomen een te moeilijke klus, laat het dan over aan de vakman.
  • Soms zijn delen van bomen giftig, bijvoorbeeld de peulen van gouden regen. Als dat gevaar kan opleveren (bij spelende kinderen of voor vissen in een vijver) moet u deze weghalen.

Een hoogstam snoeien
* Een hoogstamboom (esdoorn) snoeien

Zie ook: