Hoe ontwerp je een kleine tuin?

Je hoort het vaak, ‘Ik heb maar een hele kleine tuin, daar heb ik toch geen ontwerp voor nodig?’. Juist wel, zeggen wij!

UNDEFINED

Juist omdat er zo weinig tuinoppervlak ter beschikking is, moet er maximaal rendement uit elke vierkante meter gehaald worden. Om ons advies wat kracht bij te zetten geven we graag nog wat extra uitleg.

Hoe begin je aan een kleine tuin, waar kijk je naar?

Met de aanleg/inrichting van een kleine tuin begin je feitelijk niet heel veel anders dan bij een grote tuin. Je verzamelt eerst alle wensen, niet alleen die van jou, maar ook die van de andere tuingebruikers. Je hebt dan misschien wel minder ruimte in een kleine tuin, maar dat hoeft nog niet te betekenen dat je minder mogelijkheden hebt. Een grote vijver is misschien niet mogelijk, maar een kuip met water bijvoorbeeld wel.

Een creatieve ontwerper heeft altijd het liefst zoveel mogelijk wensen, dan kan hij er vaak ook lekker veel van verwezenlijken. Een grotere verlanglijst is gewoon veel leuker dan een kleiner lijstje waar er misschien ook een paar niet realiseerbaar zijn. Vanuit de wensenlijst ga je kijken of de beschikbare ruimte en omstandigheden ook voldoende toereiken om al je ideeën vorm te geven.

Wat moet je wel en niet doen?

Het is belangrijk dat je een tuin creëert die qua stijl en uitstraling bij je past. Wij zeggen altijd ‘De tuin dat ben je zelf’, dus kies dan voor planten, materialen en een stijl waar je jezelf in herkent. Leg geen strandtuin aan als je helemaal niet van zand of strand houdt. Hetzelfde geldt voor kleurgebruik en de beplanting. Zet geen ‘exoten’ in je tuin als je er niet van houdt.

De grootste fout die gemaakt wordt in een kleine tuin is dat er te veel ruimte genomen wordt om te zitten (terras).. Hoe meer verharding, des te minder planten.. en dat laatste is funest voor de beleving en het goede gevoel. En als je toevallig al een grote royale tuinset gekocht hebt, moet je die maar ruilen voor een kleinere intiemere uitvoering.

Denk ook niet op voorhand dat jouw tuin de meeste moeilijke tuin van de wereld is, want bijna altijd zijn er oplossingen voor problemen, ‘in elk randje groeit een plantje’, het is een kwestie van de juiste keuzes. Een heel belangrijk onderdeel voor de juiste tuinbeleving is de privacy. Je moet er altijd voor zorgen dat je jezelf ‘vrij’ voelt in eigen tuin. Inkijk en geluidsoverlast kunnen bijna altijd worden voorkomen, ook in kleine tuin.

Een belangrijke voorwaarde voor de juiste band met je tuin is ook nog de hoeveelheid zorg die je tuin van je vraagt. Potterie die elke dag gegoten moet worden, groente of kruiden die veel aandacht nodig hebben. Dat is allemaal prima, zolang je daar ook ‘de tijd’ voor hebt. Er zijn tientallen manieren om het onderhoud in je tuin te beperken (te sturen). Neem bijvoorbeeld het onkruid tussen de stenen en de voegen. Met een duurzaam voegmiddel laat je het regenwater door, maar groeit er geen onkruid.

Hoe maak je een kleine tuin wat groter?

Het ligt voor de hand dat je bij een beperkte ruimte ook moet zorgen voor elementen die niet te groot zijn.
Je zou misschien wel moeten kiezen voor een frans tuinsetje in plaats van royale loungebanken.
Maar feitelijk geldt dat voor alles. Een kleuraccent van met zorg gekozen en langbloeiende vaste planten op een paar vierkante meter in plaats van een uitstrekte border. Een grasveldje om ’s zomers je badhanddoeken op uit te spreiden moet gewoon ook heel beperkt blijven of misschien wel een stukje kunstgras zijn.

Een kleine tuin wordt groter door met hoogteverschillen te werken en elementen (zoals haagblokken) die steeds je zichtlijn blokkeren. Er ontstaat daardoor bovendien wat extra spanning. Een tuin die je in één oogopslag overziet, wordt al snel een beetje saai. Als je in een kleine tuin de wanden en het dak (pergola of vormbomen) meeneemt en laat begroeien, wordt niet alleen het groenaandeel sterker en daarmee het gevoel, maar het lijkt daardoor ook of er meer gebeurt in je tuin. Dat laatste zorgt ervoor dat hij groter lijkt. Door alle ruimte te benutten, al dan niet praktisch vooraf bedacht, groeit de tuin qua oppervlakte en inhoud.

Een belangrijk gegeven bij het ontwerpen van een kleine tuin is dat ontwerpers moeten proberen zoveel mogelijk zaken met elkaar te combineren of een dubbelfunctie geven. Een pergola kan tegelijkertijd een schommel of schaduwbrenger zijn (met schaduwdoek); een zandbak kan later een vijvertje worden; een hoogteverschil kan ook een zitbankje zijn; een tuinafscheiding kan een opbergkast zijn en in een haagblok bouw je simpel een sokkel in voor een leuk kunstwerk.

Soms bieden een paar spiegels ook uitkomst, al hoewel je daarbij altijd wel de zonnestand in de gaten moet houden, want je wordt er niet vrolijk van als vanuit de spiegels de zonnestralen irritant in je gezicht schijnen. Kijk ook even of dat je je tuin wel helemaal moet afsluiten. Soms is het mogelijk om het achterland te betrekken door een wand niet dicht te maken, maar open te laten. Dan doet het hele uitzicht ineens mee in jouw tuinbeleving.

Hoe ga je om met schaduw in een kleinere tuin?

Omliggende bebouwing kun je niet wegcijferen, je zult daar mee om moeten gaan. Zoals gezegd, in elke hoek groeien planten. Er zijn duizenden soorten die prima gedijen in de schaduw. We zouden zeker ook juist op die plaatsen wat groenblijvende heesters toepassen. Viburnumsoorten bijvoorbeeld of Taxusstruiken, om ook ’s winters de relatief donkere hoeken gevuld te hebben.

Zijn er details die een kleine tuin helemaal afmaken?

Zorg altijd voor persoonlijke tintjes, met een eigen signatuur. Juist om dat je tuin niet groot is, kun je bijna elk element net even meer aandacht geven. De meubels, het wandlampje, het kunstwerkje, een fietsje waar je als kind nog op fietste, de groene aankleding van de kliko’s, potterie in een fel kleurtje, een bak met kruiden. Voor heel veel van die gezellige dingen is nauwelijks plaats nodig. Bedenk dat je tuin niet anders is dan je woonkamer, ook daar ben je heel creatief met je beschikbare ruimte. Buiten werkt dat precies hetzelfde.

Bedenk nog even dat de basis van je tuin, zeg maar ‘je vloerbedekking’ niet te druk moet zijn. Op een natuurlijke, maar vooral rustige bestrating komen al je versieringen en lievelingselementen veel beter uit. Dat geldt ook voor de beplanting, een aantal kleuraccenten tegen een overwegend rustige groene achtergrond is vaak beter dan een hele bonte bloementuin.