60 tips voor een onderhoudsvriendelijke tuin

In de Tuinen van Appeltern werken maar 8 tuinlieden. Zij onderhouden meer dan 200 tuinen en het park dat meer 200 voetbalvelden groot is.

UNDEFINED

Om zo min mogelijk tijd te verliezen en zo makkelijk mogelijk te werken, hebben ze allerlei foefjes en technieken bedacht. Met dezelfde handigheidjes kan iedereen ook in de eigen tuin aan de slag.

  1. Dichte voegen tussen stenen en tegels
    De voegjes tussen stenen bevatten gronddeeltjes waar onkruidzaadjes in kunnen kiemen en groeien.
    Als je de voegen dichtveegt met elastische voegmiddelen kunnen onkruidzaadjes daar niet meer gaan groeien.
  2. Het kielsteekje
    Naast paden en terrassen ligt meestal een border met planten en grond. Bij een heftige regenbui stroomt het water van de borders met grond over de bestrating. De gronddeeltje komen tussen de steen- en tegelvoegen waar vervolgens onkruid gaat groeien. Door het kielsteekje na elke onderhouds beurt vallen na een regenbui de gronddeeltjes in het geultje en blijft de bestrating schoon en gevrijwaard van onkruid.
  3. Gesloten beplanting
    In Appeltern zeggen we altijd: ‘Overal waar planten staan kan geen onkruid groeien’. Dus zolang je maar zorgt dat je tuingrond zoveel mogelijk bedekt is met planten voorkom je onkruid groei. Onkruid zaadjes hebben naast grond immers ook licht nodig om te kunnen groeien.
  4. Tijdig reageren
    De tuindienst in Appeltern hanteert een ritme van 11 dagen. Op de 11de dag zijn ze weer op de plek van de eerste dag. Precies op tijd om net dat ene onkruidje weg te trekken voordat het gaat uit zaaien. Met regelmaat wordt veel onnodig tuinonderhoud voorkomen.
  5. Wortels in de greep
    Niet alleen de uitlopers van Bamboes maar ook de wortels van bomen kunnen veel overlast bezorgen.
    De terrassen kunnen worden opgelicht, ze halen veel vocht uit de boven laag en je krijgt van die wilde uitschieters tussen de planten. Met speciale anti wotel folies en doeken worden de problemen
    voorkomen en wellicht in bestaande situaties ook nog verholpen.
  6. Hagen die je maar één keer hoeft te knippen
    Er zijn tientallen haag soorten en allemaal hebben ze een ander groei patroon. De ene soort is sneller dan de ander en moet dus ook vaker per jaar geknipt worden. Een haag met schermen van Hedera (klimop) kan zelfs wel een jaartje zonder knippen.
  7. Vergrijzend hout
    Een tuinwijsheid die we een paar jaar geleden bedachten is: ‘Op het slechtste hout smeert men de duurste verf’. Als je tijd en geld wilt besparen kun je best voor hout kiezen dat je niet hoeft te schilderen of te verduurzamen. Deze houtsoorten zijn kei hard en krijgen een mooie grijze kleur door het weer. Als je wel wil schilderen kies dan tenminste de verf of beits die het best bij het hout past.
  8. Geef kleur in accenten
    Een bloementuin is prachtig maar vaak ook heel bewerkelijk. Wij denken dat een tuin ook niet helemaal vol bloemen hoeft te staan om toch het predikaat ‘kleurrijk’ te verwerven. Met toefjes van kleur bereik je vaak net zoveel als met een hele borders. Bovendien kun je dan al je ervaring en aanpassing qua kleur door het seizoen heen in een beperkte oppervlakte stoppen. Dat is makkelijker en voordeliger.
  9. Kunstgras
    We weten dat veel tuiniers er van gruwelen maar het is en blijft een aantrekkelijke optie voor mensen die het wekelijks grasmaaien beu zijn. Bovendien zijn de hedendaagse kunstgras soorten zo kwalitatief dat ze nog nauwelijks van echt te onderscheiden zijn.
  10. Vijverkeus
    Niet elk tuinonderdeel vraagt evenveel onderhoudstijd; een vasteplanten border vraagt minder tijd dan een gazon. 1 van de meest onderhouds vriendelijke elementen is een vijver. Als de vijver correct is aangelegd brengt die nauwelijks werk met zich mee.
  11. Robotmaaier
    Ze worden steeds slimmer en beter die robotmaaiers. Er zijn al voetbalclubs die al hun velden laten maaien met een robotmaaier. De meeste machines zijn makkelijk in te passen bij elk gazon. Zolang de taluds maar niet te stijl zijn en er geen trappen overbrugd hoeven te worden.
    Er wordt een draadje aan de randen van gazon ingebracht. De robot gaat daar niet over heen en hij herlaadt zichzelf steeds in zijn eigen oplaadstation.
  12. Anti-onkruiddoek
    Er is de nodige verwarring mogelijk bij anti-onkruiddoek. Als je het doek op de grond legt met een laagje grind er overheen dan is er niets aan de hand. Onkruidzaadjes die tussen het grind vallen kiemen niet omdat er geen grond is. Als je met (pot)grond gaat knoeien dan komt er wel onkruid.
    Voor bamboe en rietsoorten heb je een veel sterker doek nodig dan het plastic doek dat veel verkocht wordt.
  13. Minder bukken
    Klinkt logisch en is het ook. Met verhoogde borders is je lichaams inspanning minder zwaar. Maar als je zorgt dat er geen onkruid groeit of het wegplukt voor het gaat zaaien hoef je natuurlijk ook minder te bukken.
  14. Werend gereedschap
    Lang niet alle gereedschap ligt even gemakkelijk in de hand. Er zijn bezems die totaaal niet vegen en spa’s die veel te zwaar zijn. Dan heb je nog schoffels waar de grond per definitie aan blijft plakken en snoeischaren die niet meer opengaan als je er een iets zwaardere tak mee doorknipt.
    Goedkoop gereedschap brengt helaas vaak zulke beperkingen met zich mee. Het kan natuurlijk wel heel gemakkelijk gaan.
  15. Geschikte bodemstructuur
    Zandgrond is natuurlijk veel makkelijker te bewerken dan zware klei. Maar zandgrond heeft weer als nadeel dat onkruid zaadjes er supersnel op kiemen en dat planten er heel snel in uitdrogen.
    En dus is het zoeken naar een evenwichtige bodem structuur. Voedzaam, makkelijk bewerkbaar, goed water doorlatend en water vasthoudend, en liefst dan ook nog vrij van hardnekkige wortelonkruiden.
    Zo’n bodem is maakbaar in elke situatie.
  16. Beregeningsinstallatie
    Je zou natuurlijk moeten kiezen voor planten die niet meteen van slaag raken als het een weekje droog is. Maar bij gazon bijvoorbeeld heb je die keus niet; dat heeft op tijd (relatief veel) water nodig.
    Een beregenings installatie is dan natuurlijk makkelijker dan het gesleep met losse slangen en sproeiers. Er zijn systemen voor grote en kleine tuinen. Het duurzaamst ben je bezig als je zou kunne sproeien met water wat je zelf via eigen dak en tuin hebt opgevangen.
  17. Wateropvang en waterafgifte
    Het regenwater van je dak en tuin opvangen in een eigen reservoir levert je misschien niet direct arbeids tijd op maar wel voldoening. Daarnaast bespaart het hergebruik van dat opgevangen water geld, omdat je minder of geen leiding water verbruikt. Wateropvang en waterafgifte is ook een bodemproces. Als je tuinaarde voldoende water vasthoudt hoef je niet zo snel te sproeien. Als je tuinaarde het teveel aan water goed doorlaat voorkomt het afsterven van planten en een te natte grondlaag waar je bijna niet in kunt werken.
  18. Wilde bloembollen
    Heel veel bloembolsoorten moet je er na de bloei uithalen en in het najaar weer inplanten. Met bloembollen die mogen verwilderen hoeft dat niet en heb je toch elk voorjaar een beetje ‘Keukenhof’ in je tuin.
  19. Gazonbegrenzers
    Het gazon en de plantenborder willen nog wel eens door elkaar heen gaan groeien en gaan veranderen vaan vorm. Best een lastig klusje, om alles weer in originele staat terug te brengen.
    Met gazongbegrenzers van staal, steen of kunstof voorkom je die klus.
  20. Meteen volwassen
    Je kunt natuurlijk met kleine jonge planten beginnen ze worden immers van zelf groot. Een probleem is alleen dat je dan al die tijd tijdens de opgroei de grond er omheen onkruid vrij moet houden. Door meteen al volwassen planten te planten blijft er weinig plek voor onkruid.
  21. Stabiele planten
    Niet elke plant blijft stoer overeind bij een beetje wind of een forse regenbui. Als je niet tussentijds wilt ruimen of ondersteunende maatregelen wilt nemen kun je beter kiezen voor planten met stevige stengels die tegen een stootje kunnen.
  22. Mest op maat
    Planten begroeien eerder alle grond, kunnen beter tegen de klimaat omstandigheden en hoeven niet te worden vervangen door ziektes als je ze gezond houdt. Voldoende op de grond- en plantsoort afgestemde mestsoorten helpen daarbij.
  23. Wisselbeplanting
    Wisselbeplanting is een methodiek waarbij je een (stukje) border elk jaar opnieuw inricht met planten die een jaarrond bloeien. Op zichzelf kost dat klusje tijd maar veel minder dan het verkrijgen en vasthouden van het bloeibeeld in de breedte van de tuin. Het gaat om accenten die sterker zijn dan het totaal.
  24. Voorzichtig met compost
    We bedoelen dat je geen compost mag knoeien op grind en bestrating want dat zorgt alleen voor onkruid. En ook als je compost gebruikt als een soort afstrooimiddel in plaats van een bodem verbeteraar waarbij je de compost door de grond mengt ontstaat relatief veel onkruid.
  25. Zuinig met solitairplanten
    Een solitair plant is een plant die alleen de aandacht wil. De planten in de omgeving moeten zich schikken in een minder aandachtige rol. Als je teveel ‘solitairs’ plant dan wordt het een rommeltje omdat die planten gaan strijden om hun plek.
  26. Wilde bloemen mengsels
    Bij wilde bloemen mengsels ben je niet alleen snel klaar bij de aanleg .... je zaait het zoals een gazon; maar je hebt ook niet veel werk tijdens het groei en bloei seizoen. Slechts 1 keer per jaar moet je alles af maaien en afvoeren.
  27. Onkruid plukken
    Onkruid plukken is beter dan schoffelen omdat je dan meteen voorkomt dat er onkruidzaadjes op de grond achterblijven. Bij schoffelen is er een kans dat het onkruid niet compleet afsterft omdat de grond te vochtig is of dat na de schoffelbeurt gaat regenen. En nog erger de zaadjes van het af gestorven onkruid kunnen gewoon gaan kiemen.
  28. Kies voor bos
    Er zijn meer manieren om de onderhoudswerkzaamheden in een grote tuin te beperken. Je zou een deel vaan je tuin in kunnen richten als een bamboebos of rhododendron vallei. Als de groei er eenmaal inzit hoef je in dat deel niets meer te doen.
  29. Meubels zonder zorgen
    Steeds meer tuinmeubilair kan het hele jaar buiten blijven staan zonder schoonmaak of verf onderhoud. Let ook goed op bij de aanschaf dat er geen regen water op het zitgedeelte kan blijven staan. Daar worden ze erg vies van.
  30. Niet knoeien
    Het lijkt zo logisch maar knoeien met aarde, zaad, onkruid, meststof of bestrijdingsmiddelen zorgt per saldo voor extra werk. Netjes en accuraat werken spaart per saldo tijd.
  31. Berijdbaar grind
    Te dikke grindlagen waar je maar moeilijk door heen loopt en slordige grindlagen die je regelmatig vlak moet harken kun je voorkomen door te werken met platen waar je het grind in veegt. De platen met ruitjes (die je niet ziet) houden de keitjes op hun plaats. Je grindbaan is ineens heel stabiel en super vlak.
  32. Pas de norm aan
    Als je enige nonchalance kunt verdragen zonder dat het slordig wordt verleg je de werkdruk.
    Een vijver zonder dat daar een blaadje in waait is bijna onmogelijk en ook beplanting die over je paden groeit is eigenlijk heel normaal. Gevallen blad mag best een paar dagen op je gazon liggen en onkruid hoef je pas op de elfde dag te hebben weggeplukt.
  33. Go nature
    Er zijn steeds meer mensen die onkruiden als distels en brandnetels ook leuk vinden om te zien, zolang het er maar niet te veel worden. Dat is dan ook het enige wat je in een natuur tuin moet doen; zorgen dat het niet uit de hand loopt. Je laat de natuur haar gang gaan en helpt daar een beetje bij.
  34. Prairy beplanting
    Een nieuwe manier van borders inrichten. Er wordt eerst een laagje van 7 cm. zand aangebracht en dan nog een laagje van 8cm. lava korrels. De vaste planten worden door de lava heen deels in het zand en ondergrond geplant. Voordeel is dat er tussen de planten nauwelijks onkruid groeit, dat de planten niet breed gaan uitlopen, en dat je er altijd tussen door kunt lopen zonder dat je schoenen vies worden.
  35. Bodembedekkers
    Overal waar planten staan kan geen onkruid groeien. Bodem bedekkers zijn vasteplanten die laag blijven en het hele grond oppervlak letterlijk bedekken. De meeste bodembedekkers zijn ook nog eens groenblijvend en geven daaardoor geen ‘overlast’ aan blad in herfst en winter.
  36. Vormbomen
    Een vormboom is een boom die niet groter wordt; stam en takken blijven zoals ze op de kwekerij zijn ‘gevormd’. Elk jaar komen op het eind dan die stam (knotwilg) of aan het eind van die takken (leilinde, dakplataan) nieuwe uitlopers. Deze moet je welliswaar jaarlijks afsnoeien maar dat is per saldo veel minder werk dan bomen die veel te groot worden in kleine tuinen en elk jaar meer blad lijken achter te laten.
  37. Zuinig met zaad
    We waarschuwen om geen zaad te laten vallen waar het niet hoort... zoals op bestrating of in volle grond tussen heesters en vaste planten. Je moet ook opletten dat je bij het inzaaien van gazon of groenten het zaad goed afgedekt is met grond.. anders wordt het door de wind verspreid naar plekken waar je het niet wil hebben. Verder hebben we gemerkt dat in het kippen en vogelvoer ook de nodige onkruidzaadjes zitten die je beter niet in je tuin kunt hebben.
  38. Houdt het maaisel op het gras
    Als je met een gazonmaaier maait met een zij uitgang kan het gebeuren dat je tijdens het maaien het maaisel de borders in blaast. Dit maaisel bestaat uit ook uit zaadjes die kunnen gaan kiemen.
    Door de maairichting zodanig te kiezen dat het maaisel niet op paden en of in de borders terecht komt voorkom je onkruid (gras) groei.
  39. Makkelijke planten
    Wat is makkelijk? Dat zijn planten waar je niet teveel werk mee hebt. Planten die snel aanslaan en gaan groeien. Planten die niet snel worden aangetast door slakken, rubsen en luizen. Planten die niet overal wortelen of zichzelf overal uitzaaien. Planten die niet te groot worden en niet te veel eisen stellen aan water, licht en voeding. Het is natuurlijk nog wel van belang dat een plant een beetje sierwaarde heeft of mooie bloemen en vruchten voortbrengt.
  40. Automatiseer
    De techniek in de tuin gaat steeds verder.. er zijn nog net geen robots die onkruid kunnen plukken maar het graas maaien lukt ze al aardig. Inmiddels zijn er ook andere zaken automatiseerbaar zoals het onderhoud van je zwembad, de beregening van het gazon en borders, de verlichting ‘s avonds en ‘s nachts, het dicht en open schuiven van zonwering en schaduw doeken. Er zijn al volledig geautomatiseerde keewkasjes waarbij je na het planten van je tomaten op je telefoon een berichtje krijgt waneer je kunt oogsten.
  41. Kijk achterom
    Door niet te kijken naar wat allemaal nog moet maar eerder naar wat allemaal al is gedaan ontstaat meer voldoening. Dat maakt het werk niet minder maar wel minder zwaar.
  42. Opberg en verblijfgenot
    Je hebt best het een en ander nodig aan hulpmiddelen om je tuin te onderhouden. Die spullen zouden een beetje overzichtelijk, droog en vooral ook niet te verweg moeten liggen,hangen of staan.
    Het zelfde geldt voor je terras uitstalling ook daarmee zou je niet dagelijks heel veel sjouw werk moeten hebben. Overkapte tuingedeeltes en onopvallende kisten voor kussens kunnen uitkomst bieden.
  43. Energie neutraal
    Misschien levert het niet direct tijd op maar wel heel veel goed gevoel als jouw verlichting of vijverpompen geen stroomkosten met zich mee brengen. Een simpel zonne paneeltje op je pergola kan je tuin energie neutraal maken.
  44. Minder hoog en breed
    Met een aantal hagen wachten wij met snoeien niet tot ze gaan uitlopen maar al in de winter.
    Doordat je dan de contouren (takstructuur) kunt zien kun je ze gemakkelijk wat smaller en ook wat korter maken. Je knipt als het ware in het voren en zorgt er meteen voor dat de hoogte en breedte behapbaar blijven.
  45. Bladopvang
    Je kunt niet voorkomen dat blad gaat vallen. De hoeveelheid kun je wel bepalen door de boom- of struikkeus. Over een vijver kun je eenvoudig een net spannen maar over de hele tuin is dat niet te doen. Het blad ruimen kun je wel veraangenamen. Geluids arme bladblazers maar ook een eigengemaakt doek van 150x150 met op de hoeken een vastgemaakt keitje.. daar hark of veeg je het blad zo op om te vervoeren naar een container. Met de keitjes in de hoeken blijft het doek plat op de grond liggen. Sommigen vinden een sneeuwschuif met bezem heel handig.
  46. Planten zonder lawaai
    Je bespaart best enige tijd als je planten in je tuin hebt die makkelijk zijn en geen extra vervelende bijkomstigheden hebben. Zoals bessen die op je tegels vallen of struiken die extreem veel wespen en bijen aantrekken. Planten die bij de eerste regenbui of windvlaag helemaal over je pad vallen zijn ook niet leuk. Alles waar je jezelf aan stoort gaat ten koste van humeur en maakt het werk ‘zwaarder’.
  47. Werken aan conditie
    We bedoelen dit twee ledig. Als je zelf gezond en fit blijft is het tuinwerk niet snel te zwaar en teveel.
    En als jouw planten gezond en vitaal blijven heb je gewoon minder werk mee. Misschien wel voor beide.. een kwestie van goede voeding en regelmaat.
  48. Zelfreinigend zwembad
    Voorheen was een zwembad best veel werk. Door nieuwe technieken is dat voorbij. De moderne zwembaden reinigen zichzelf. Als je kiest voor een zwemvijver dan doen de planten dat voor jou.
  49. Minder maaibeurten
    We stellen dan voor om niet alle gras wekelijks te maaien. Het heeft natuurlijk een beetje te maken met het type tuin dat je kiest. Maar je zou in een grasveld wel bepaalde loopbanen wekelijks kunnen maaien en de rest slechts 1 keer per seizoen. Dat scheelt heel veel loop en opruim werk.
  50. Onderhoudsarme materialen
    Meubels, vlonders, tegels, lampen, buitenkeukens, tuinhuisjes en tuinafscheidingen. Allemaal hebben ze een eigen onderhouds plaatje. Afhankelijk van de materiaal keus is dat meer of minder. Een tuinmuur hoef je bijvoorbeeld niet te schilderen hardhouten vlonders vergrijzen zonder dat je ze hoeft te beitsen. Lampen waar geen muggen en spinnen in kunnen kruipen worden niet zo snel vies.
  51. Afstrooi middelen
    We zijn voorstander van een zoveel mogelijk met planten begroeide bodem maar als je dat niet wilt of als planten nog moeten gaan groeien kun boomschors , gehakkelseld takken of bijvoorbeeld stro deeltjes strooien. Zolang de grond bedekt is krijgt kiemend onkruid minder kans.
  52. Zelfhechtende klimmers
    Klimplanten die zichzelf vastgroeien aan wanden en hekwerken hoef je niet zelf aan te binden. Ook waaien ze niet los bij een stormwind.
  53. Containers bij de hand
    De groen container zou bij de hand moeten zijn waar je hem makkelijk kunt pakken en tegelijk moet hij niet het tuin beeld verstoren. Daar zijn leuke groene constructies voor. Het verplaatsen is ook aan genamer als dat steeds over een verhard oppervlak kan zonder lastige traptreden.
  54. Plant op de juiste plaats
    Als je een boom te dicht bij het huis plaatst mag je verwachten dat het blad je dakgoot gaat verstoppen. Een struik te dicht op een haag bemoeilijkt het knippen. Dan heb je natuurlijk ook nog de overlast als een plant dood gaat omdat hij op een plek staat die te nat of te donker is.
  55. Logische vormgeving
    Paden die niet de richtste weg zijn, ongemakkelijke afstapjes, randjes waar net geen plant kan groeien of bakken waar je niet met een bezem of hark tussendoor kunt, hebben allemaal te maken met de vormgeving van het ontwerp. Ook tuinhuisjes en groencotainers te ver weg passen in dit rijtje.
  56. Natuurlijke bestrijders
    We praten ook wel over ‘beestjes tegen beestjes’. Geen moeilijke bestrijdingsmiddelen en spuitbussen maar gewoon een zakje met lieveheersbeestjes die je loslaat in de beukenhaag om de luisjes op te eten. Voor meerdere plagen zijn er al natuurlijke bestrijders.
  57. Mollenvangen
    Hoewel mollen hele nuttige beestjes zijn kunnen ze ook de nodige over last bezorgen. In de zomer komen ze graag naar jouw fris gesproeide gazon omdat daar dan ook regenwormen te vinden zijn.
    Met anti mollengaas of klemmen wordt je ze de baas en voorkom je vervelende verzakkingen. Ook in het straatwerk.
  58. De hogedrukreiniger
    1 keer per jaar reinigen wij al onze bestratingen. Tegelijkertijd worden dan ook de voegjes tussen de tegels en stenen los gespoten en na worden die dan na het afspoelen weer met nieuw zand in gestrooid. Dit voedingloze nieuwe zand zorgt ervoor dat onkruid niet snel gaat kiemen en groeien.
  59. Grind onder glas
    Bij glas puien kun je het vervelende opspatten voorkomen door geen tegels of stenen er tegen aan te leggen maar een rand van grind. De druppels vallen Daan stil tussen de grind korrels.
  60. Knip vaste planten niet te vroeg af
    Het verdorde loof van vaste planten heeft een functie.. het beschermd de plant tegen vorst. Ook
    bedekt het de grond rondom de plant. Deze ‘afsluiting’ zorgt dat er geen onkruid kan groeien.