De Tuinen van Appeltern
Walstraat 2a, 6629 AD Appeltern
Nederlands grootste en mooiste tuinideeënpark

Nederlands grootste en mooiste tuinideeënpark

De tuin in maart

Adviezen van Rien Meijer

Graszaad zaaien en hongerige vogels

Wie in het vroege voorjaar een nieuw gazon inzaait of met graszaad herstelt, zal merken dat veel zaad door mussen en andere vogels wordt opgepikt. Maar niet alleen op het zaad, ook op de jonge, gekiemde grassprietjes zijn ze dol omdat die zeer vitaminenrijk zijn. De schade wordt al wat minder als u het zaad voor het uitstrooien mengt met scherp zand. Dat strooit makkelijker en gelijkmatiger. Nog minder vogelvraatschade krijgt u als u het graszaad met spurriezaad mengt. Spurrie is een eenjarige plant (Spergula arvensis) die sneller kiemt dan het graszaad en zodoende het graszaad beschermt. Dat waait dan bovendien niet zo makkelijk weg. Neem 100 gram spurriezaad voor 100 m2 gazon. Goed mengen met het graszandmengsel en uitstrooien. De spurrie verdwijnt naderhand vanzelf weer als u gaat maaien.

TIP

Gebruik alleen verse zaai- en potgrond om te zaaien of te stekken. Zulke gronden voldoen aan strenge eisen qua schimmel- en ziektevrijheid. De kans dat het fout gaat is dan een stuk kleiner. Goede zaaigrond bevat veel minder meststof dan standaard potgrond en is dus veel minder agressief voor de kiemende plantjes.

Verspenen

Het verspenen van jonge kiemplantjes is een werkje dat van oudsher vooral in maart wordt gedaan omdat dan de vroege zaaisels boven de grond komen. Verspenen is iets anders dan uitplanten. Bij het verspenen worden de vaak in groepjes opgekomen plantjes voorzichtig uit de grond gewipt en apart op regelmatige onderlinge afstanden in kistjes of zelfs in aparte potjes overgeplant. Dat gebeurt bij voorkeur met een verspeenhoutje, een plat houtje met een V-vormige inkeping, of met een in potloodvorm gesneden stokje. Met de laatste kan ook een plantgaatje worden gemaakt. Heel kleine zaailingen worden met het V-vormige houtje verspeend omdat u ze nog nauwelijks kunt beetpakken. Hebben zaailingen voldoende grote blaadjes om ze vast te pakken, dan is werken met het potloodstokje voldoende. Bij het verspenen kan ook al een selectie worden gemaakt tussen zwakke en sterkere plantjes. Door het verspenen groeien de plantjes even wat minder, maar daarna blijven ze meestal wat compacter dan soortgenoten die niet zijn verspeend, ook de wortelkluitjes. Dat is makkelijk en minder schadelijk voor de planten als ze later op hun definitieve groeiplek worden uitgeplant.

Maart is dé maand om doordragende aardbeien te planten

Professionele kwekers doen dat nu ook. Plant ze vrij ruim: 40 cm tussenruimte in de rij en 70 cm tussen de rijen. Haal de eerste bloemen weg. Dat komt de latere vruchtvorming ten goede. De kwekers noemen dat ‘ontbloemen’. De grootvruchtige rassen vragen wat meer zon dan bosaardbei-achtige kleinvruchtige aardbeien (die vaak wel lekkerder zijn). Bij aardbeien is de zuurtegraad van de grond heel belangrijk. De beste pH is pH 6, dus iets zuur. Verder moet de grond liefst humusrijk en vochthoudend zijn. Als de zuurtegraad niet klopt is de kans op verwelkingsziekte veel groter. Die ziekte wordt veroorzaakt door een bodemschimmel die heel moeilijk te bestrijden is.

Windkering

Dat een haag de wind breekt, weten we allemaal. Een halfopen schutting doet dat voor een deel ook. Een hoge windsingel (elzen, populieren) heeft ook zo’n prettig effect. Veel minder toegepast wordt windgaas. Toch voldoet ook dat fijne gaas erg goed om te wind te breken. Het is in verschillende hoogten verkrijgbaar, wordt meestal tegen palen uitgespannen en het kan door allerlei klimplanten met fijne tentakels, zoals lathyrus, worden begroeid zodat het nauwelijks stoort. Het heeft een groene kleur.

Een heidetuin verzorgen

Zolang de planten in een heidetuin nog geen gesloten bodembedekking vormen, moet er voortdurend worden gewied. Vooral uitlopers vormende grassen, zoals kweekgras, moeten steeds grondig worden verwijderd. Strooi na het onkruidvrij maken turfmolm op de grond tussen de planten. Dat beschermt de vaak oppervlakkig groeiende wortels tegen uitdroging en helpt de grond zuur te houden. Wat extra compost kan ook geen kwaad. Zwaar bemesten is niet nodig. Heideachtigen kunnen met weinig voeding toe. Snoei uitgebloeide winterheide (Erica) nu terug. Ook de struikheide (Calluna) kan nu worden gesnoeid. Knip weg wat er in het afgelopen jaar is bijgegroeid. Snoei nooit tot in zwaar verhoute gedeelten. Die lopen dan namelijk niet of nauwelijks meer uit.

TIP

Vergeet niet deze maand de struikrozen te snoeien! Er wordt wel gezegd dat het best ook later kan, maar dan heeft allerlei ongedierte en hebben diverse schimmels alweer volop kans gehad zich te ontwikkelen.